Het huiskonijn van de buurman
“Nee meneer, een zakje paprikachips of zelfgemaakte snoeplolly’s kunnen tegenwoordig écht niet meer als traktatie.” Er kan veel veranderen in dertig jaar tijd. Onze zoon is afgelopen maand twee jaar geworden. Naast een – veel te vroege – kinderverjaardag op zondagochtend met louter brakke, vermoeide ouders en speelse (te) energieke kinderen betekent het ook dat de kleine man mag trakteren bij zijn kinderopvang. Dit keer kozen wij dan maar voor een biologisch, glutenvrij, lactosevrij en verantwoord groentepakket waar het huiskonijn van de buurman met jaloezie naar zou kijken.
Limonade, frikandel en een banaanhavermoutkoekje
Het is bijzonder hoe gezond eten voor onze kinderen zich ongemerkt heeft ontwikkeld van een goede gewoonte tot een bijna religieuze overtuiging onder ouders. De één voedt haar kleine prinses geheel suikervrij op. Geen aanmaaklimonade, maar kraanwater. Geen vrijdagmiddagtaartje om het weekend in te luiden (bij oma wel), maar een banaanhavermoutkoekje met een snufje kaneel. De ander neemt het allemaal niet zo nauw. Daar werkt de kleine spruit met negen maanden al een frikandel met een klodder mayonaise weg. Om die vervolgens weg te spoelen met een bekertje kindercola.
Zijn wij gezonde ouders?
Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat de waarheid over wat voor ‘gezonde ouders’ wij zijn ergens in het midden ligt. Bij onze dochter waren wij behoorlijk principieel: nee, vóór haar eerste verjaardag mocht zij absoluut geen suikers. Een Fristi na het zwemmen? Absoluut niet. Een eigen bakje berenchipjes voor bij de zondagborrel? Geen denken aan, er liggen snoeptomaatjes. Bij onze ‘second opinion’ ligt de lat, hoe zeg je dat netjes, iets realistischer. Hij opent inmiddels op maandagmorgen om zeven uur zelf de voorraadkast, om ons gelukkig nog wel de illusie van een keuze te geven: tussen de pedagogisch verantwoorde maïscracker of de ouderwetse roze koek.
Wil je graag meer van deze column lezen? Dat kan in Fabulous Mama editie 5-2026, deze bestel je hier.


