Geld uitgeven is leuk, maar ermee omgaan moet je leren. Hoe eerder je kind snapt wat sparen, plannen en kiezen betekent, hoe makkelijker dat later gaat. Met deze vijf eenvoudige stappen help je je kind spelenderwijs geldwijs te worden.
6 jaar: start met zakgeld
Zakgeld is vaak de eerste kennismaking met geld. Kinderen leren dat het op kan en dat je keuzes moet maken. Voor jonge kinderen werkt contant geld het best, omdat ze zien wat ze hebben en wat verdwijnt. Een bedrag tussen de €1,20 en €2,30 per week is heel normaal.
8 jaar: sparen leren
Grote wensen vragen om geduld. Laat je kind een deel van het zakgeld sparen, bijvoorbeeld in een spaarpot. Rond deze leeftijd begrijpen kinderen dat even wachten loont en dat sparen iets mogelijk maakt wat anders niet lukt.
10 jaar: omgaan met digitaal geld
Vanaf ongeveer tien jaar is je kind klaar om te leren omgaan met digitaal geld. Een eigen rekening helpt bij overzicht houden en laat zien hoe betalen en sparen tegenwoordig werkt.
12 jaar: oefenen met kleedgeld
Met kleedgeld leert je kind plannen en keuzes maken. Spreek vooraf af wat wel en niet onder het budget valt en maak duidelijke afspraken over online shoppen. Dat voorkomt teleurstellingen.
13 jaar: zelf geld verdienen
Een bijbaantje of klusjes doen leert kinderen wat geld verdienen inhoudt. Ze ontdekken dat geld niet vanzelf komt en krijgen meer waardering voor wat ze hebben.

