Zelfs de fanatieke stofzuigers onder ons maken een klassieke fout: drie op de tien ouders dweilen minder dan één keer per week. En laat dát nou precies zijn wanneer het echte smerige spul blijft liggen. Vooral in de winter, wanneer we de ramen dichtgooien, de verwarming openknallen en ons huis veranderen in een soort allergenen-sneeuwbol.
“Kinderen ademen door dat kruipen en spelen véél meer stof in dan je denkt,” zegt Mike Mulders van BVL Gietvloeren. “Zij ademen de lucht in op een lager niveau, precies waar de concentratie van neergeslagen of opdwarrelend fijnstof en huisstofmijtallergenen het hoogst is”.
Tapijt: de vergeten vijand
En dan tapijt… de plek waar je kind zo lief met Duplo speelt. Nou ja, speelt én stof hapt, want tapijt is basically het wellness-resort van alle vuil, haren en huisstofmijt.
En toch, geloof het of niet, tapijt wordt het minst vaak gestofzuigd. Mike Mulders fronst hier begrijpelijk zijn wenkbrauwen bij: “Juist als kinderen er bovenop leven, zou ik het een paar keer per week stofzuigen. En twee keer per jaar een stoomreiniger erop. Je schrikt je rot wat er dan nog uitkomt”.
Vertaling: je tapijt is viezer dan je peuter na een middag buitenspelen.
Wintervuil: nu ook in schuurpapier-variant
Het gaat trouwens niet alleen om gezondheid. Je vloer zelf krijgt ook klappen. “In de winter slepen kinderen zand en strooizout naar binnen. Dat werkt als schuurpapier op harde vloeren,” legt Mulders uit.
Dus ja: eerst stofzuigen, dán dweilen. En elke dag een beetje luchten. Klinkt als een hoop gedoe, maar het voorkomt krassen, dofheid en die mysterieuze grauwe waas die ineens over je vloer ligt alsof ’ie depressie.


